Een vertaling te veel
Vanaf advent 2025 is er een nieuw lectionarium in gebruik voor de zondagsvieringen. Het is een volledig nieuwe vertaling en vervangt de vorige Nederlandse tekst die vanaf het begin van de liturgievernieuwing in gebruik was en gebaseerd was op de bekende Willibrordvertaling uit de jaren zeventig. Over de nieuwe vertaling bestaan met name onder priesters erg veel klachten.
Die klachten betreffen de plotselinge en volkomen onvoorbereide invoering maar vooral ook het slechte Nederlands en de vaak moeilijke voorleesbaarheid en verstaanbaarheid van de gewijde tekst. Scherpe kritiek hoorde ik onlangs ook van iemand die gespecialiseerd is in de vertaling van klassieke teksten naar verstaanbaar Nederlands. Zijn oordeel was vernietigend. Het lijkt erop alsof er gewerkt is met een zeer beperkte groep vertalers die vooral expertise hebben op het gebied van exegese en die zich vooral bekommerd hebben om een zo letterlijk mogelijke vertaling van de tekst maar daarbij weinig gevoel hebben voor de Nederlandse taal. Letterlijk vertalen is één ding (wellicht belangrijk voor de exegese) maar verstaanbaar en mooi Nederlands is iets volstrekt anders.
Een liturgische vertaling van lezingen en gebeden dient zich van een gewijde taal te bedienen, verstaanbaar maar tegelijk verheven boven het alledaags gebruik. Dat doet recht aan de heiligheid van de viering en het mysteriekarakter ervan. Bovendien is het belangrijk dat die gebeden en lezingen zich in hun zinswendingen zoveel mogelijk kunnen vastzetten in het geheugen van de mensen zodat de teksten eigen worden en zich kunnen verinnerlijken. Dat geldt op de eerste plaats voor de psalmen. Mensen moeten kunnen bidden – op den duur zelfs uit het hoofd – met de psalmen. Daarvoor is het nodig dat de vertalingen zo weinig mogelijk veranderen. Nu is indertijd door de bisschoppen voor de psalmteksten in het missaal en het brevier gekozen voor de vertaling van Bronkhorst waarbij moet worden opgemerkt dat voor het brevier dat later verscheen dan het missaal een licht verbeterde versie gebruikt werd. Bij de Bronkhorstversie hebben verschillende componisten melodieën gemaakt. Je zou verwachten dat in het nieuwe lectionarium de verbeterde Bronkhorstversie zou worden gebruikt als zijnde de geaccepteerde liturgische versie van de psalmen. Nee dus! Er wordt een volkomen nieuwe vertaling uit de hoge hoed getoverd. Hierdoor staat de muzikale vormgeving meteen weer op achterstand, zo niet op nul. Daar lijkt de interesse van de vertalers niet te liggen. Ze zijn vooral van het woord, niet van de muziek!
Was er een totaal nieuwe vertaling van de pericopen nodig? Was de Willibrordvertaling slecht of uit de tijd? Op beide vragen antwoord ik met een volmondig nee. Als ik de nieuwe vertaling vergelijk met de gebruikte Willibrord, kan ik alleen maar constateren dat de Willibrord over het algemeen een mooie, vloeibare en goed voorleesbare vertaling is en nog steeds uitstekend verstaanbaar, ook voor de jongere generatie. Daarentegen is de nieuwe vertaling niet mooi, hoekig en soms ronduit onverstaanbaar.
Ik geef hier een paar voorbeelden:
Evangelie 1ste zondag Advent
Oud: Weest ook gij dus bereid, omdat de Mensenzoon komt op het uur waarop gij het niet verwacht.
Nieuw: Daarom, weest ook gij dus bereid, want op het uur dat gij het niet vermoedt, komt de Mensenzoon.
Opmerking: Is er verschil in betekenis? Nee. Is het mooier? Nee. Waarom dan veranderen?
Evangelie 2de zondag Advent
Oud: Maar Hij die na mij komt is sterker dan ik en ik ben niet waardig Hem van zijn sandalen te ontdoen.
Nieuw: Maar Hij die na mij komt, is sterker dan ik, en ik ben niet waardig zijn sandalen te nemen.
Opmerking: Waarom “sandalen nemen”? Omdat er dat letterlijk staat en omdat sommige exegeten hier een band zien met sandaal van Boaz in het verhaal van Ruth? Niemand begrijpt dat, zo het al waar is. Je zou hier zelfs kunnen denken dat Johannes zegt dat hij niet waard is de sandaal weg te pakken of te stelen.
Eerste lezing 3de zondag Advent
De “lelie” in de oude versie is ineens een “roos” geworden. Dat dit fout was is niet evident aangezien de NBG ook lelie heeft.
Symptomatisch voor de nieuwe vertaling zijn de “bevende knieën” van de nieuwe vertaling die de “knikkende knieën” de oude vertaling vervangen; en dit terwijl “knikkende knieën” in het Nederlands een staande uitdrukking is, waarom in ’s hemels naam?
Oud: Spreek tot allen die de moed verloren hebben. Vat moed en vrees niet. Uw God komt om de wraak te voltrekken, God komt om te vergelden en om u te redden. Dan gaan de ogen van de blinden weer open en zullen de oren van de doven geopend worden.
Nieuw: Zegt tot de kleinmoedigen: “Weest sterk van hart, vreest niet! Zie, uw God; de wraak zal komen, de vergelding van God; Hijzelf zal komen en u redden.” Dan worden de ogen van de blinden ontsloten, en zullen de oren van de doven geopend worden. Dan zal de kreupele opspringen als een hert en zal de tong van de stomme juichen.
Opmerking: Is er zakelijk verschil? Nee. Is de nieuwe vertaling mooier? Nee.
Evangelie
Nieuw: “Wat zijt gij naar de woestijn gegaan om te bekijken?
Oud: Waar zijt gij in de woestijn naar gaan zien?
Opmerking: De nieuwe vertaling is een slechte Nederlandse constructie en het woord “bekijken” is ordinair. De oude vertaling is in alle opzichten beter.
Nachtmis Kerstmis
Evangelie
Nieuw: In die dagen kwam er een besluit van keizer Augustus om de hele wereld in te schrijven.
Oud: In die dagen kwam er een besluit van keizer Augustus dat er een volkstelling moest worden gehouden in heel zijn rijk.
Opmerking: “De hele wereld” lijkt overdreven. Bedoeld lijkt toch wel het Romeinse rijk.
Nieuw: Omdat er voor hen geen plaats was in het gastenverblijf.
Oud: Omdat er voor hen geen plaats was in de herberg.
Opmerking: Gastenverblijf doet een beetje B&B-achtig aan. “Herberg” klinkt vertrouwd. Bovendien “er was een geen plaats in de herberg” is ondertussen een staande Nederlandse uitdrukking geworden.
Conclusie
Zo zou ik nog een hele tijd kunnen doorgaan. Bijna bij iedere lezing kun je terechte opmerkingen maken en de vraag stellen: waarom eigenlijk? Zoals gezegd is de vertaling in het algemeen slecht en doet ons met des te meer bewondering kijken naar de oude vertaling.
Als ik nog pastoor was, zou ik de nieuwe vertaling in de boekenkast zetten en gewoon de oude blijven gebruiken. Je moet dan wel afscheid nemen van de misboekjes van Heeswijk en eventueel zorgen voor eigen boekjes maar dat bespaart je dan veel ergernis.
Ik heb begrepen dat men voor het komende jaar B op de valreep priesters heeft ingeschakeld om naar de teksten de kijken maar de tijd daarvoor is veel te kort. En of men veel zal doen met de aangeleverde opmerkingen is de vraag. De discussies indertijd over de nieuwe vertaling van “beproeving” in het onze Vader (jazeker de duivel is in de nieuwe vertaling de “beproever” geworden) in plaats van “bekoring” stemt niet tot optimisme.
C. Mennen pr
30 april 2026
Write a Reply or Comment