Paus Leo XIV en de voortzetting van een controversiële lijn
Een veelzeggend adviesorgaan
Onderstaand artikel is een vertaling uit katholisches.info
Met de benoeming van 19 nieuwe consultoren voor het dicasterie voor interreligieuze dialoog heeft paus Leo XIV maandag een duidelijk signaal afgegeven. De keuze van de personen laat er weinig twijfel over bestaan dat de nieuwe paus de inhoudelijke lijn van zijn voorganger Franciscus voortzet en institutioneel versterkt. Personen met theologisch problematische standpunten, een vergaande openheid ten opzichte van religieus pluralisme en accenten die moeilijk te verenigen zijn met de traditionele leer van de kerk, kenmerken het nieuwe adviesorgaan.
Continuïteit in plaats van koerswijziging
Al bij een eerste blik op de namen blijkt dat de benoemingen in het kielzog van het zogenaamde bergogliaanse paradigma liggen. Gloria.tv heeft de nieuwe adviseurs nader bekeken. Het gaat niet om incidentele grensoverschrijders, maar om personen die zich al jarenlang in het openbaar uitspreken voor standpunten die zich in het spanningsveld tussen kerkelijke leer, politiek activisme en interreligieus syncretisme bevinden.
Zo verklaarde Emilce Cuda, lid van de Pauselijke Commissie voor Latijns-Amerika, na de intrekking in 2022 door het Hooggerechtshof van de VS van het arrest Roe v. Wade, waarmee in 1973 in de VS het doden van ongeboren kinderen werd toegestaan, dat veel katholieken “de verdediging van het leven verwarren met de verdediging van ideologische standpunten” en dat de menselijke waardigheid “verder gaat dan abortus en euthanasie” en ook “de tussenliggende kwesties” omvat. Hierin is een abortusvriendelijke relativering van centrale morele principes onmiskenbaar.
Vrouwenkwestie en machtsverschuiving binnen de kerk
Verschillende benoemingen hebben betrekking op actoren die openlijk pleiten voor een hervorming van de kerkelijke ambtsstructuur en daarbij het sacrament van de wijding niet uitsluiten. Mónica Santamarina van de Wereldunie van Katholieke Vrouwenorganisaties riep in juni 2023 op om het zogenaamde “klerikalisme” te bestrijden door een sterkere aanwezigheid van vrouwen in seminaries en in het algemeen in leidinggevende posities, en waarschuwde de kerk tegelijkertijd om na de synode over synodaliteit “de deuren niet weer te sluiten”.
Nog duidelijker was zuster Mary Teresa Barron, afgevaardigde van de synode over synodaliteit, die in oktober 2024 verklaarde dat de vraag van het vrouwelijk diaconaat niet is of vrouwen “gewijd kunnen worden of niet”, maar of “de Geest vrouwen roept”, aangezien “sommigen zich geroepen voelen tot het priesterschap of het diaconaat”. Hiermee wordt de sacramentele theologie feitelijk ondergeschikt gemaakt aan het subjectieve gevoel van roeping.
Bevrijdingstheologie, feminisme en ideologiekritiek
Ook Ana María Bidegain, voorzitter van Pax Romana (ICMICA-MIIC), is een voorbeeld van een activistische kerkelijke politiek-theologische benadering. In juni 2023 verklaarde zij tegenover CatalunyaReligio.cat: “Zonder het werk van de leken zou de bevrijdingstheologie nooit zijn ontstaan.” Tegelijkertijd benadrukte ze: “Er zijn veel groepen en bewegingen die zich inzetten voor feminisme in de kerk”, en relativeerde ze bindende kerkelijke voorschriften met de opmerking: “Als je zegt dat een vrouw of een man dit of dat moet doen – wat is dat dan? Een ideologie!”
Religieus pluralisme en syncretistische tendensen
Bijzonder controversieel zijn de benoemingen op het gebied van de religieuze theologie. Catherine Cornille (Boston College) pleit openlijk voor “religieus pluralisme” en is van mening dat boeddhistische meditatie en hindoeïstische yogapraktijken christenen kunnen helpen “onze hoogste doelen na te streven”. Een standpunt dat haaks staat op de uniciteit van Christus en het unieke karakter van de christelijke openbaring.
Nog verder gaat P. Edmund Kee-Fook Chia SVD uit Maleisië, die in een document uit 2019 de stelling van de Indiase bisschoppen verdedigt dat God ‘andere religies als instrumenten van verlossing’ gebruikt. Hij benadrukt dat religieuze diversiteit niet alleen sociologische, maar ook heilsgeschiedkundige betekenis heeft – een uitspraak die in openlijke tegenspraak is met de leer van Dominus Iesus.
Pachamama en inheemse spiritualiteit
Bijzondere aandacht gaat uit naar de benoeming van Sofía Nicolasa Chipana Quispe uit Bolivia, die wordt gerekend tot de inheemse feministische en dekoloniale theologie. Zij promoot het “gebed met de Pachamama” en verklaarde in mei 2025: “Wij zijn niet de Pachamama. Wij maken volledig deel uit van de Pachamama, wij behoren tot de Pachamama” (gesprek met Claudio Carvalhaes). Uitspraken die een pantheïstische wereldvisie weerspiegelen en doen denken aan de controversiële rituelen tijdens de Amazonesynode.
Dialoog tegen elke prijs?
Ook vertegenwoordigers van een eenzijdig begrepen interreligieuze dialoog ontbreken niet. De Syrisch-Italiaanse priester Wasim Salman noemt de dialoog “de enige weg naar vrede tussen de religies” en benadrukt dat de kerk “dezelfde zorgen” deelt met de islam, zoals uiteengezet in het document van Abu Dhabi. Hij noemt de islam “deze grote religie, waarvan de verspreiding vandaag de dag indrukwekkend is”. Er ontbreekt elke differentiatie en kritische afstand tot de “ketterij der ketterijen” (Joseph Seifert) die in het document van Abu Dhabi staat. Seifert bekritiseerde dat de verklaring suggereert dat God de verscheidenheid van religies en daarmee religieuze dwalingen wil – en daarmee het verschil tussen waarheid en dwaling in het geloof tenietdoet.
Een commissie met een duidelijke voorkeur
De volledige lijst van nieuwe adviseurs – van Fabio Petito tot Giuseppina De Simone en Michel Younès – bevestigt de indruk van een ideologisch grotendeels homogene commissie. Theologische diversiteit in de zin van de kerkelijke traditie is daarentegen nauwelijks waarneembaar; in plaats daarvan domineert een progressieve agenda die synodaliteit, pluralisme, relativisme, uitsluiting van het ongeboren leven en culturele aanpassing boven dogmatische duidelijkheid stelt.
Paus Leo XIV had met zijn eerste personeelsbeslissingen een teken van verzameling en spirituele terugkeer kunnen geven – temeer omdat hij eenheid en verzoening tot leidmotief van zijn pontificaat had verklaard. In plaats daarvan consolideert hij een lijn die onder Franciscus al voor grote onzekerheid heeft gezorgd. De benoeming van adviseurs die de Pachamama-spiritualiteit, religieus relativisme en breuken in de kerkelijke structuur bevorderen, inclusie prediken, maar ongeboren kinderen, voor wie het om leven of dood gaat, willen uitsluiten, sacramenten ter discussie stellen en die de fundamenten van het christendom herinterpreteren in de geest van de tijd, – dat ales voedt de twijfel of interreligieuze dialoog nog wel het getuigenis van Christus dient – of dat deze zich steeds meer losmaakt van zijn eigen fundament en een vehikel wordt voor een ideologisch en politiek planmatige eenheidsgodsdienst.
Het is daarbij van cruciaal belang dat al deze progressieve agendapunten al in het pontificaat van Franciscus aanwezig zijn – niet als marginale verschijnselen, maar als impulsen die deze ontwikkeling hebben aangemoedigd, bevorderd en gelegitimeerd.
Write a Reply or Comment